In harmonie ontworpen

Bouwwerk // Kindcentrum Warffum

Over bijzondere bouwprocessen

Tekst:
Beeld:
Leestijd: .

In bouwprocessen staat efficiëntie centraal. Maar wat ontstaat er als je de nadruk legt op het proces zelf, in plaats van op tijd en geld? Mette Wijling gaat samen met fotograaf Silvio Zangarini op zoek naar het verhaal achter bijzondere bouwprocessen. In deel 4: het nieuwe kindcentrum in Warffum. 

Zodra we uit de auto stappen, giert de wind ons om de oren. Het is een eindje lopen van het parkeerterrein naar de school. Met onze jassen stevig om ons heen getrokken, lopen we het schoolplein op dat er, ondanks het gure weer, heel gezellig uitziet. Binnen kastanjehouten hekjes staat een aantal ouders tussen houten speeltoestellen en een net aangeplant bosje te wachten. Niet veel later klinkt er een bel en holt een groep kinderen uitgelaten het schoolgebouw uit.

We staan aan de rand van het dorp Warffum. Grenzend aan de Waddenzee, ter hoogte van Rottumerplaat, staan we eigenlijk ook op de rand van Nederland. Hier kan je heel ver kijken en buldert de wind ongehinderd door al die ruimte heen. In deze openheid staat een knusse school. Een rood, houten gebouw dat je van harte welkom heet.

Gigantische opgave

Het onderwijs in Noordoost-Groningen staat voor een gigantische opgave. In totaal moeten 101 schoolgebouwen aardbevings- en toekomstbestendig worden gemaakt. Hier in het Noorden waait het namelijk niet alleen, de bodem beeft er ook door de jarenlange gaswinning.

Veel scholen hebben aardbevingsschade en voldoen niet meer aan de veiligheidsnormen. De versterkingsopgave betekent voor deze onderwijsinstellingen meestal nieuwbouw, vaak samen met een andere onderwijsinstelling of kinderopvang onder één dak. 

Schoolgebouwen moeten gezond zijn, duurzaam, flexibel en krimpproof. Ze moeten ruimte kunnen bieden aan verschillende onderwijsvormen en een fijne plek zijn voor leerlingen en leraren.

Hoe geef je de scholen in dit gebied die gewenste, fysieke kwaliteitsimpuls? De versterkingsopgave in Groningen kenmerkt zich tenslotte door bureaucratie en taaie processen die het resultaat niet ten goede komen. Dianne Maas-Flim, bouwmeester versterking van de gemeente Groningen, zei ooit dat niet de aardbevingsschade maar de versterkingsopgave de ware ramp voor Groningen is.

In Warffum lijkt het toch goed gelukt. Aan de rand van het dorp hebben de openbare basisschool Jansenius De Vries en de christelijke basisschool (met aspecten uit het Jenaplanonderwijs) De Rank elkaar gevonden. Niet alleen onder hetzelfde dak, ze lijken de hele omgeving meegenomen te hebben in hun gezamenlijke vlucht vooruit.

Tussen dorp en ommeland

Silvio en ik hebben afgesproken met Ilona Smalbil, directeur van de Jansenius De Vries, Mathilde Lievers, tijdens de bouw directeur van De Rank, en de architecten van het nieuwe kindcentrum, Rik Veltman en Laura Favata, beiden werkzaam bij De Unie Architecten. We staan inmiddels voor de deur waar net nog de kinderen naar buiten renden. Dankzij een goed gepositioneerde overstek staan we hier buiten het bereik van de wind.

‘Dit is meer dan een school’, begint Mathilde. ‘Het is een plek voor Warffum, voor het dorp, en het moet ten volle worden benut.’ Het schoolplein nodigt inderdaad uit om er te spelen of gewoon rond te dwalen. Leerkrachten nemen hun leerlingen mee naar het tiny forest om de plantjes en beestjes uit het biologieboek in het echt te zien, om de waterkwaliteit in de sloot te meten of om groente te kweken in de moestuin.

Opa’s en oma’s uit het dorp brengen hun kleinkinderen hierheen om er te spelen en kinderen uit de buurt nemen hun vriendjes mee. De buitenomgeving is hier zowel een aanvulling op het dorp als op de school. Het ontwerp zorgt voor een natuurlijke overgang, naar het ommeland en het dorp. De architecten kozen voor een breed uitnodigend front aan de kant van het dorp. Aan de achterkant opent het gebouw zich naar het Hogeland.

Rik vertelt dat hij zich heeft laten inspireren door de unieke plek van de school, op de grens tussen het dorp en de weilanden. De school opent zich naar zowel het dorp als het landschap en sluit aan bij de karakteristieke kapvormen en borgtuinen in de omgeving. Een houten buitenschool in de karakteristieke rode kleur van de Groninger bakstenen van de boerderijen in de omgeving. Tijdens de rondleiding wordt ons duidelijk dat de onderwijsvisie van de twee schooldirecteuren en de architectonische oplossingen van Rik en Laura elkaar versterken. 

Maar voordat we de prachtige details induiken, moeten we eerst terug naar het begin. Naar de tijd dat de twee scholen nog in twee aparte, door aardbevingen aangetaste gebouwen verderop in het dorp zaten.

Scholenbouwprogramma

Mathilde Lievers was acht jaar lang directeur van De Rank. ‘Op een gegeven moment zat er op alle ramen folie geplakt zodat ze niet zouden versplinteren bij de volgende aardbeving', zegt ze terugblikkend. 'Dat onze school in aanmerking kwam voor het scholenbouwprogramma was geen verrassing.’

Ergens in 2017, of was het al 2018, kregen beide scholen te horen dat hun gebouwen niet meer veilig waren en gesloopt zouden worden. De gemeente Het Hogeland bepaalde dat De Rank en de Jansenius De Vries het nieuw te bouwen dak zouden delen. ‘We ontvingen gewoon deze mededeling’, herinnert Ilona Smalbil zich. Mathilde beaamt dat het als een voldongen feit gepresenteerd werd. ‘Dus we besloten dat samenwerken te omarmen.’

Het Groningse scholenbouwprogramma bestaat al een tijd. Nog voordat in 2012 een zware aardbeving in Huizinge de gevolgen van de gaswinning op de kaart zette, stond de leefbaarheid in Noordoost-Groningen onder druk. De provincie kampte met krimp, voorzieningen sloten en schoollokalen werden steeds leger.

De gemeente bepaalde dat beide scholen een nieuw gebouw zouden gaan delen. ‘Dus we besloten dat samenwerken te omarmen’

In de toenmalige gemeenten De Marne, Eemsmond, Delfzijl, Appingedam en Loppersum (samen MEDAL) startte een programma om de krimp op te vangen en de leefbaarheid te verbeteren. Hierin legden de gemeenten de nadruk op de scholen, zowel de basisscholen als het middelbaar onderwijs. Deze moesten krimpproof en toekomstbestendig worden. Vroege voorbeelden hiervan vind je in Appingedam en Delfzijl, zoals de MFA Opwierde.

Toen kwamen de aardbevingen.

In 2015 werd duidelijk dat er een plan moest komen om de veiligheid van leerlingen en medewerkers van scholen in aardbevingsgebied te kunnen waarborgen. Naast aardbevingsbestendig moesten deze scholen ook duurzaam zijn, ruimte bieden aan een breed palet van onderwijsvormen en in kunnen spelen op demografische ontwikkelingen. Goed dus om aan te haken bij het al lopende MEDAL-programma.

De uitvoering kwam te liggen bij het Centrum voor Veilig Wonen, dat de schadeafhandeling weer van de NAM had overgenomen. Inmiddels heeft de Nationaal Coördinator Groningen, momenteel verantwoordelijk voor de uitvoering van de versterkingswerkzaamheden in het aardbevingsgebied, deze taak op zich genomen. De inhoudelijke invulling van het plan ligt bij de desbetreffende gemeente.

Om bijvoorbeeld de krimp op te vangen en de via de NCG beschikbaar gestelde gelden zo efficiënt mogelijk te besteden, worden veel scholen samengevoegd. Welke scholen een nieuw gebouw gaan delen, waar dat gebouw komt te staan en binnen welke voorwaarden dit moet gebeuren, bepaalt de gemeente. Na de herindeling van 2020 zijn dit de gemeenten Eemsdelta, Het Hogeland, Midden-Groningen en ook de gemeente Groningen. 

Bustour

Niet al die verschillende schoolbesturen kunnen zo goed samenwerken als die van de Jansemius de Vries en De Rank. Het scholenprogramma lijkt een complexe opgave, maar hier op het Hogeland, aan de rand van Warffum, is daar niets van te merken. Met de twee directeuren lopen we over een groen speelplein rond een warm, duurzaam en typisch Gronings schoolgebouw. Hier lijkt het goed gelukt.

Nadat beide scholen de mededeling over de geplande nieuwbouw en de toekomstige samenwerking ontvangen, slaan ze de handen ineen en nemen contact op met De Mevrouwen. Het adviesbureau is gespecialiseerd in het begeleiden van scholenfusies, het schrijven van onderwijsvisies en het opstellen van programma’s van eisen.

Voor de Jansenius de Vries en De Rank organiseert het bureau een bustour langs inspirerende voorbeelden van samenwerkingsscholen met een vergelijkbare onderwijsvisie als de scholen uit Warffum. Vooral basisschool ’t Groenland in Zuidwolde blijft hangen. In de nieuwbouw vond toekomstbestendig en natuurlijk onderwijs een plek. Samen met De Mevrouwen schrijven De Rank en het Jansenius de Vries een programma van eisen, gebaseerd op de opgedane indrukken.

Mathilde Lievers en Ilona Smalbil

Ilona is dan net begonnen als directeur van het Jansenius de Vries, de bustour is gepland op haar eerste werkdag. Mathilde heeft al wel ervaring met een nieuw te bouwen school. De Christelijke Basisschool Koning Willem-Alexander in Uithuizen, waar zij op dat moment directeur primair onderwijs is, trekt in 2019 in haar nieuwe schoolgebouw.

‘Aan die ervaring heb ik heel sterk het gevoel overgehouden dat je één kans krijgt om met een team van voorbijgangers – want dat is wat we zijn in een onderwijsconcept – een ruimte te creëren waar iemand die heel andere gedachten over onderwijs heeft over tien jaar ook iets mee kan.’ Die ene kans moet je ten volle benutten, vindt ze. Een gebouw moet multifunctioneel en flexibel zijn. ‘En,’ voegt Mathilde toe, ‘je moet kinderen erbij betrekken. Er komt zo veel uit dat kinderbrein.’ 

Doordachte visie 

Mathilde en Ilona stellen hun onderwijsvisie op scherp, waarbij de nadruk ligt op flexibiliteit. Ze richten zich ook op hun toekomstige schoolgebouw; kinderen moeten er in het nu kunnen leven, maar de ruimte moet ook later gebruikt kunnen worden. Met deze doordachte visie en het programma van eisen starten de scholen de architectenselectie. Project- en Bouwmanagement Giezen treedt op als gemachtigd opdrachtgever. De gemeente blijft op de achtergrond.

Omdat ze voor de gevraagde toekomstbestendigheid een doordachte visie zo belangrijk vinden, vragen de scholen in de tender specifiek naar de visie van de architecten, niet naar een ontwerp. ‘We wilden ook niet dat ze zich presenteerden als bedrijf,’ zegt Ilona, ‘maar dat we open waren over wat we elkaar konden bieden. Dat vormt de basis voor het te voeren gesprek.’
‘Een architect moet erboven kunnen hangen en een plek schetsen waarin het onderwijsconcept kan landen’, vult Mathilde aan.

'Raak je verbitterd door tegenslag of zet je als team samen de schouders eronder? Wij zagen dit als een kans om iets moois en toekomstbestendigs neer te zetten'

Midden in coronatijd presenteren de architecten hun ontwerpantwoord op de vraag van De Rank en de Jasenius de Vries. In de raadszaal nemen zo veel mogelijk mensen als de maatregelen toelaten, plaats. De gemeente Het Hogeland gaat achterin de zaal zitten, het gaat tenslotte om de gebruikers. Op een scherm zijn de hoofden te zien van diegenen die alleen digitaal mogen aanschuiven.

Mathilde weet nog heel goed waarom de presentatie van De Unie Architecten er volgens hen bovenuit stak: ‘Rik woont zelf op Het Hogeland, dit is zijn achtertuin. Die betrokkenheid en zijn enthousiasme spatte ervan af. Hij lichtte hun visie toe aan de hand van typisch Groninger boerderijen en een focus op de natuur en het Groninger landschap. Ik kan nog steeds niet langs een boerderij fietsen zonder uitgebreid het dak te bestuderen. En toen kwam Laura die de visie onderbouwde en vertaalde naar concrete handvatten. Het klikte meteen.’

Laura Favata en Rik Veltman

Samenwerking

Die klik wordt duidelijk aan twee kanten gevoeld. Rik en Laura werken niet vaak met een opdrachtgever die zo betrokken, open en bevlogen is. De architecten ontwerpen het nieuwe kindcentrum voor de toekomstige gebruikers. De gemeente zorgt voor de financiën en machtigt Peter Giezen om over het budget te waken. In mei 2020 winnen Rik en Laura de prijsvraag en gaat de samenwerking die dit mooie schoolgebouw opleverde, echt van start.

Zoals gehoopt en verwacht tijdens de presentatie in de raadszaal, verloopt de samenwerking soepel en organisch. De ontwerpvisie van Rik en Laura vormt samen met de onderwijsvisie van Mathilde en Ilona een stevige basis voor het te doorlopen proces. Voor Mathilde is dat logisch: ‘Je bepaalt zelf hoe je erin staat. Raak je verbitterd door tegenslag of zet je als team samen de schouders eronder? Wij zagen dit als een kans om iets moois en toekomstbestendigs neer te zetten.’

Dat klinkt logisch, maar toch is het bijzonder, vult Laura aan: ‘Bij andere gebouwen moeten we soms een maand uittrekken voor alleen al het overleg over de entree. Willen de partijen elk een eigen ingang of toch een gezamenlijke?’

In Warffum draagt iedereen vanuit zijn of haar eigen expertise bij. ‘Als architect moet je met creatieve en bouwtechnische oplossingen komen,’ zegt Rik, ‘maar vooral diegenen die het gebouw gaan gebruiken, de mensen die ertoe doen, vanaf het begin meenemen.’

Samen werken de partijen over verschillende lijnen van grof naar fijn. Mathilde en Ilona houden de grote lijnen vanuit het onderwijsperspectief in de gaten, Rik en Laura vertalen deze visie naar bouwtechnische oplossingen, volume, context, materialen en installatietechnieken. Er wordt veel gespard en geschetst. En, ook erg belangrijk: alle partijen hebben er plezier in.

Een gegeven omgezet in een kans

We zitten in de bibliotheek van het gedeelde schoolgebouw. Een groot raam biedt uitzicht op de kerktoren van Warffum. De schooldirecteuren en de architecten zijn blij elkaar weer te zien. Allen zijn ze lovend over het proces en het resultaat, en hoewel ik dat snap, ben ik toch ook wat verbaasd.

Hadden ze dan geen last van een bepaalde stroperigheid die zo kenmerkend is voor de bureaucratie rond de versterkingsopgave? Nee, schudt Mathilde: ‘Het was gewoon een gegeven waar we allemaal samen zo veel mogelijk goeds uit wilden halen. Een gegeven dat we oppakten als een kans.’

Ilona merkt op dat het wel wat stroperiger werd naarmate het proces richting de aanbesteding ging. ‘Geld werd steeds belangrijker in die fase en het budget was erg krap.’ Om niet in te hoeven binden op het resultaat zetten beide partijen alles in. Ieder heeft zijn eigen netwerk, ideeën en expertise. Zo vragen Mathilde en Ilona overal fondsen aan en starten ze samenwerkingen met partijen als IVN Natuureducatie als er voor het buitenplein geen geld meer blijkt te zijn. De moestuin, het tiny forest en de enorme zandbak met waterpomp: ze komen er allemaal dankzij deze samenwerkingen en subsidies.

Rik en Laura zetten op hun beurt hun expertise in om met de juiste materialen, innovatieve oplossingen en een goed doordachte planning zo efficiënt mogelijk te werken binnen de financiële kaders.

Efficiënt en duurzaam

De architecten kiezen voor een houten dakconstructie, geïsoleerd met vlas dat in de buurt verbouwd wordt. De constructie bestaat uit één groot element, aan de onderkant afgewerkt met hout. ‘We hebben de dakplaten veel langer gelaten, waardoor je een overstek op het zuiden cadeau krijgt’, wijst Rik.

Laura: ‘Vaak vragen mensen hoe dit allemaal is gelukt binnen het bouwbudget van een school. Zulke budgetten zijn namelijk meestal zeer beperkt. We denken van tevoren goed na over het bouwsysteem en de methodiek en integreren zo veel mogelijk in de afwerking. Deze school is van hout en geïnspireerd op een Groninger boerderij, maar in feite is het een simpele constructie, als een doos. Efficiëntie en duurzaamheid zijn de sleutel naar betaalbaarheid.’

Rik wijst: ‘Dit is bijvoorbeeld een dak, maar meteen ook een houten plafond. Vaak kiezen scholen voor een systeemplafond vanwege de akoestiek, dat wilden we hier voorkomen. Het geld dat je gewoonlijk reserveert voor de afwerking, konden wij weer in andere dingen stoppen.’

Daarnaast kiezen de architecten ervoor de klimaattechnische installaties tot een minimum te beperken. Deze leunen zwaar op het budget, maar je ontkomt er niet aan. Het schoolgebouw in Warffum is zelfvoorzienend en installatiearm. De noodzakelijke systemen zijn weggewerkt achter een wand en luchtkanalen verwarmen en verkoelen het complex. Efficiënt en duurzaam. 

'Vaak vragen mensen hoe dit allemaal is gelukt binnen het bouwbudget van een school. Efficiëntie en duurzaamheid zijn de sleutel naar betaalbaarheid’

‘Je refereert aan oude dingen’, zegt Rik. ‘Aan een borgtuin, een monumentale boerderij, maar dan wel eigentijds gedetailleerd. De dakgoot is net als de zonnepanelen geïntegreerd en weggewerkt. Zo krijg je de aandacht zo veel mogelijk op de overstek, het landschap, het vaste volume en de entree.’

Ook de gierzwaluwnesten zijn subtiel verwerkt. Ergens hoog bovenin, ze zijn niet te zien vanaf het schoolplein. Wel valt de houten afwerking van de gevel op, en Rik attendeert ons op de manier waarop de ramen zijn geplaatst. In het ene raam zie je voorbijgaande wolken, in het andere de ondergaande zon. Zo maak je verbinding met buiten zonder de kinderen te veel af te leiden, legt hij uit.

Grote glazen puien markeren de overgang van de klaslokalen naar de overdekte buitenruimte vanwaar je zo het schoolplein oprent. Een sloot, met aan de schoolkant een natuurlijke oever en aan de andere kant een rechte, kort gemaaide wal, scheidt een weiland (tevens ijsbaan) van de school. ‘We zien de weidevogels en geven les onder de veranda’, zegt Ilona.

Twee scholen, één gebouw

De hoofdingang leidt naar een lichte, hoge hal. Op de muur is een grote boom geplaatst, gemaakt van gerecycled materiaal, een soort vilt. ‘Die boom staat voor samen groeien’, licht Mathilde toe. ‘Of we nu twee heel verschillende kanten op gaan of dezelfde richting kiezen, als ieder maar groeit en zich verder ontwikkelt.’

Naast de boom loop je een grote, lichte gang in. Aan het einde, op de westkant, is een groot raam geplaatst waardoor de zon recht naar binnen schijnt. In dit deel van de school huist De Rank. Geheel volgens de leer van het Jenaplanonderwijs werken kinderen uit verschillende klassen er samen aan projecten. De gang is tegelijkertijd een leerplein.

Ook de klaslokalen zijn hoog en licht. In één ervan staat een enorm speelhuis, het past precies onder het schuine plafond. Rik en Laura hebben plaatsgenomen op hele kleine stoeltjes die in een kring staan.

‘Nog een laatste ding over dit lokaal’, zegt Laura. ‘Bij zo’n programma van eisen zit bij scholen altijd de voorwaarde dat elk lokaal moet beschikken over toiletten en een berging: zo’n deur met daarachter een donker hok vol rommel. Hier hebben we voorgesteld om de berging te laten vervallen en te kiezen voor een ingebouwde hoge kast. Zo heb je extra ruimte voor het lokaal zelf en is alles lekker opgeruimd. Omdat de schooldirecteuren een sterke visie én vertrouwen in ons hadden, konden we voor dit soort oplossingen kiezen.’

Als je in de hal linksaf slaat, loop je naar de Jansenius de Vries. Hier wordt meer klassikaal onderwijs gegeven. De gang is smaller en in plaats van grote ramen is er gekozen voor ingebouwde kapstokken met een grote vensterbank. De lokalen zijn ook hier licht en ruim.

We zien het schoolplein lonken, het weidegebied en daarachter één van de typisch Groninger boerderijen die Rik inspiratie gaven. De trap naar de bibliotheek bevindt zich ook aan de linkerkant in de hal.

Schoolvoorbeeld

Hierboven zitten we iets comfortabeler dan op de piepkleine stoeltjes uit de klas. ‘Iedereen denkt dat achter zo’n gebouw alleen de denkkracht van de architect zit’, zegt Laura als we in de bibliotheek staan. ‘Maar als je goed kijkt is het ook de visie van de gebruikers. Die hebben wij alleen maar vertaald. De onderwijsvisie van Mathilde en Ilona is heel belangrijk geweest voor het ontwerp van de school.’

‘De aanleiding is in principe negatief,’ zegt Rik, ‘maar als je het aangrijpt als een kans om een toekomstbestendige onderwijsvisie een plek te geven, draai je het om naar iets positiefs.’

In december 2022 wordt het kindcentrum opgeleverd. De opening wordt in de zomer van 2023 feestelijk gevierd op een manier die past bij Op Roakeldais, een bekend begrip in het Noorden. Het is het grootste jaarlijkse internationale festival voor culturele dans en muziek in Nederland, georganiseerd in Warffum. Voor de leerlingen van de Jansenius de Vries en De Rank is de editie van 2023 onvergetelijk. Jambo Afrika komt op bezoek, dansend op djembémuziek vieren zij hun nieuwe, veilige en duurzame schoolgebouw.

Hier aan de rand van Warffum, boven in Nederland, voelt het helemaal niet als een uithoek, eerder als het centrum. Hier komen jaarlijks allerlei verschillende culturen samen, blijken visies als een huis te staan, zijn glazen halfvol en werken schoolbesturen op doordachte, toekomstbestendige wijze samen. Een schoolvoorbeeld.