De Linkse Mannen lossen het op // Hoger bouwen

4 juni 2022 Leestijd: 2 minuten

Hoogbouw! Geweldig! Dat hoort bij de stad! Maar hoe maak je nou goede hoogbouw? En is het voor een stad als Groningen niet veel beter om gewoon hoger te bouwen? Wat extra bouwlagen dus, en aanzienlijk minder 'stompe torentjes'? Op weg naar een nieuwe gemeentelijk hoogbouwvisie gingen de Linkse Mannen in Omni aan de Korenstraat op zoek naar antwoorden en oplossingen.  

HOGER BOUWEN

“Eenieder dient zich bij het streven naar hoogbouw af te vragen of het forceren van den bouw van torenhuizen niet voortkomt uit een zeker snobisme. En of het niet een vooraf tot mislukking gedoemde poging is om de skyscrapers van den overzijde van den grooten plas te imiteeren.”

Aan het woord is Jan Gijsbert Willem Bolomey, hoofdingenieur van de Groninger dienst gemeentewerken. Zijn taalgebruik verraadt dat het geen recente uitspraak is. Al is de inhoud nog altijd actueel. Het is tekenend voor de ietwat moeizame relatie die Groningen al decennialang met hoogbouw heeft.

Natuurlijk kan hoogbouw van waarde zijn voor de stad. Het is een middel om te verdichten. Je kunt er interessante stedelijke woonmilieus mee maken. Maar: goede hoogbouw is er niet zomaar. Daarom werkt de gemeente Groningen aan een nieuwe visie op hoogbouw.

Dat zo'n visie nodig is, blijkt wel als we naar de ‘hoogbouwoogst’ van de afgelopen jaren kijken. Daar druipt de kwaliteit niet bepaald vanaf. Ja, er zitten woningen en (studenten)studio’s in, maar verder geven ze de stad weinig terug.

Maar wat is dan goede hoogbouw? Wat zijn de basislessen? Waar is hoogbouw op z’n plaats en waar zeker niet? Wat kunnen we leren van andere Nederlandse steden? En vooral: zit de oplossing niet veel meer in hoger bouwen dan in hoogbouw?

De Linkse Mannen gingen op zoek naar oplossingen met stedenbouwkundige Ruben Wiersma van Atelier Stadsbouwmeester, architect Henk Stadens van De Zwarte Hond. Ook belde architect en hoogbouwkenner Daan Roggeveen van MORE Architecture in; het feit dat hij amper te verstaan was zorgde voor de nodige hilariteit. De uitsmijter kwam van Tils Posthumus, terug van weggeweest en zoals altijd vol nieuwe ideeën.

Maar eerst schoof RUG-rector magnificus Cisca Wijmenga aan. Ze kijkt meerdere keren per week vanuit haar huis neer op de ‘puinhopen van Groningen uitgaansstad’. Wat vindt ze daarvan?