Napublicatie

De slag om de Grote Markt

Het stadsplein als strijdtoneel in april 1945

Tekst:
Leestijd: .

Onlangs werd het boek Het lege midden gepresenteerd, naar aanleiding van de recente herinrichting van de Grote Markt. Aan de hand van beeldverhalen, analyses, historische schetsen, essays, herinneringen, bespiegelingen, columns, interviews en gedichten schetsen auteurs van diverse pluimage de vele gezichten van het belangrijkste plein van Groningen. Johan de Boer schreef voor het boek een meeslepend verslag van de bevrijding van Groningen, aan het eind van de Tweede Wereldoorlog.

Tussen 1940 en 1945 is er op de doorgaans drukke Grote Markt niet veel gezelligs te beleven. De warenmarkt functioneert steeds slechter en echte kermissen of andere evenementen zijn er niet. Natuurlijk, rond het plein is veel horeca, maar Stadjers lopen de deur daar niet meer plat. Dat is te gevaarlijk. 

De aanwezigheid van de nazi’s, onder andere in het beruchte Scholtenhuis, dempt de levendigheid van het stadshart. Wel zijn er soms bijeenkomsten waarop de Duitse bezetters nadrukkelijk acte de presence geven. Schaarse filmbeelden uit die tijd laten bijvoorbeeld rijkscommissaris Seyss-Inquart zien, die een defilé afneemt en de verzamelde Duitse troepen toespreekt. Maar ja – leuk?

Als in april 1945 de geallieerden Groningen naderen, lijkt niets erop te wijzen dat er veel strijd om de stad zal worden geleverd. Immers, de opmars door Midden-Nederland is sinds eind maart snel gegaan. De Tweede Canadese Infanteriedivisie, onder leiding van generaal-majoor Bruce Matthews, rukt op via Ommen en Hoogeveen. Assen, dat praktisch zonder slag of stoot wordt bevrijd, zijn ze al voorbij. De goede sfeer van voor de oorlog, zo is de stellige verwachting van veel Stadjers, zal weer snel terugkeren op de Grote Markt.

Op vrijdag 13 april zijn de bevrijders tot aan de Paterswoldseweg gevorderd. Daar stuiten ze op fel verzet van samengetrokken en verschanste Duitse troepen. De lokale garnizoenscommandant Gottfried Miczek heeft van bovenaf het dwingende bevel tot hardnekkige verdediging van de stad gekregen. Het tot ‘Festung’ uitgeroepen Groningen is een belangrijk en strategisch gelegen spoorknooppunt met veel verbindingen, vooral ook naar Duitsland. De Duitsers willen deze verbindingen koste wat kost beschermen om de terugtocht van hun troepen uit Friesland naar Duitsland – waar ze zich dan opnieuw zouden kunnen organiseren – veilig te stellen.

Ook zal een snelle geallieerde opmars richting Delfzijl de belangrijke marinehaven Emden bedreigen. Die opmars moet dus waar mogelijk worden vertraagd. De Canadezen willen op hun beurt Groningen zo snel mogelijk innemen om de Duitse troepen in Noord-Nederland te isoleren en op die manier verdere weerstand te voorkomen. Tegelijkertijd kan zo de Groningse graanrepubliek snel worden ingezet om het hongerende West-Nederland van voedsel te voorzien.

De Grote Markt in de jaren veertig, met op de hoek van de Ebbingestraat warenhuis De Bijenkorf, en daarnaast de Amsterdamsche Bank

Vier dagen strijd

Zo moeten in totaal ongeveer 13.000 goed voorbereide, zwaar bewapende en in feite superieure Canadese militairen het opnemen tegen pakweg 7000 in de stad verzamelde Duitse verdedigers – een onsamenhangende, slechts licht bewapende mengelmoes van eenheden van Wehrmacht, Luftwaffe, Kriegsmarine, fanatieke Nederlandse en Belgische SS’ers, jongens van de Hitlerjugend, oude mannen van de Volkssturm, NSB’ers en andere collaborateurs.

De strijd duurt desondanks bijna vier volle dagen, waardoor de bevrijding van Groningen ook wel bekend komt te staan als de slag om Groningen. Het is een van de felste stedelijke gevechten in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De strijd om Groningen is evenzeer een microkosmos van het einde van het Derde Rijk: een combinatie van onbuigzame ideologische wil en de tastbare realiteit van een wanhopig tekort aan middelen en organisatie.

Om de stad en zijn vele monumenten zoveel mogelijk te sparen, maken de geallieerden in principe geen gebruik van zwaar artillerievuur. Om die reden is ook ondersteuning door de Royal Air Force afgewezen. Infanteristen moeten de stad straat voor straat en vaak zelfs huis voor huis veroveren. Dat gaat even voorzichtig als moeizaam, wat in het voordeel van de verdedigende Duitsers is.

Desondanks wordt op zaterdag 14 april al een groot deel van de zuidelijke en westelijke stadswijken bevrijd. De Duitsers trekken zich noodgedwongen terug in de binnenstad. Opvallend genoeg, zo constateren de bevrijders, zijn overal op straat nieuwsgierige Stadjers te zien. Vaak heel dicht bij het strijdgewoel. Regelmatig geven ze zo ook tips aan de bevrijders.

Machinegeweren en scherpschutters

De slag om Groningen culmineert op zondag 15 april in de strijd om de Grote Markt. Het is die zondag een koele, grijze lentedag. Er is geen zon, de wind komt uit wisselende richtingen met kracht 3 tot 4 en de temperatuur hangt rond 12 graden Celsius.

In zo’n beetje elk belangrijk gebouw aan de noord- en oostzijde van de Grote Markt verschuilen zich Duitse verdedigers. Ze hebben goed zicht op het plein. Bovendien weten ze dat de Canadezen eraan komen. De meeste toegangswegen naar de Grote Markt zijn gebarricadeerd en bemand. In totaal zijn rond het plein zo’n veertig gevechtsposities actief. Samen tellen ze naar schatting rond de vijfhonderd verdedigers.

Het commando wordt gevoerd vanuit de Amsterdamsche Bank, aan de noordzijde van het plein. In de Hoofdwacht en in verschillende panden aan de noord- en oostzijde van de Grote Markt staan machinegeweren en scherpschutters opgesteld. Ze zijn vooral gericht op de Herestraat, Gelkingestraat en Oosterstraat, waarlangs de Canadezen met enkele bataljons (met name The Black Watch Regiment, Les Fusiliers Mont-Royal en Calgary Highlanders) en een paar moeilijk manoeuvrerende tanks (van het Fort Garry Horse pantserregiment) voorzichtig oprukken.

Vanuit de Martinitoren kunnen de Duitsers goed zien waar de Canadezen zich bevinden. Voor die laatsten is dat alle reden om de toren desnoods te beschieten

In totaal zijn de Canadezen met een kleine duizend man. Verkenners, fronttroepen en hospikken worden hier en daar ondersteund door manschappen van de Binnenlandse Strijdkrachten, die de topografie van de stad goed kennen. Het commandocentrum is ingericht in het geconfisqueerde pand op de hoek van de Carolieweg en de Oosterstraat.

Vanuit de Martinitoren – op dat moment al jaren een belangrijke Duitse uitkijk- en zendpost – kunnen de Duitsers goed zien waar de Canadezen zich bevinden. Voor die laatsten is dat alle reden om de toren desnoods te beschieten, om zo dit vijandelijke voordeel uit te schakelen.

De toren staat op dat moment al de hele oorlog in de steigers, vanwege een restauratie die al in 1936 was begonnen. Op 56 meter hoogte bouwden de Duitsers in de toren een kleine barak met zend- en luisterapparatuur voor de Wehrmacht. Ze legden er ook 12 kilo springstof neer, bedoeld om de toren bij een invasie op te blazen en onbruikbaar te maken. Opzichter Wil van Zwieteren ontdekte de springstof in september 1943 en besefte welk gevaar dit opleverde. Hij liet onder de barak een dikke laag van zand en stenen aanbrengen om zo de gevolgen van brand of een explosie te beperken. 

Boven in de toren stond bovendien een vat van 200 liter benzine, bedoeld voor een generator. Kort voor de bevrijding kondigde de Feldwebel aan de generator met handgranaten te vernietigen en de benzine uit te gieten. Van Zwieteren wist dit te voorkomen door de Duitse onderofficier over te halen de generator met hamers stuk te slaan en de benzine naar beneden te laten brengen. Uiteindelijk gooiden de Duitsers zelf hun apparatuur uit de toren. De springstof bleef nog wel aanwezig, maar werd niet gebruikt. Mede dankzij de vasthoudendheid van Van Zwieteren bleef de Martinitoren behouden.

De Grote Markt tijdens de Slag om Groningen, foto genomen vanuit de Oosterstraat

In de tang

Terug naar zondag 15 april. ’s Middags om een uur of 3 richten soldaten met bazooka’s en tanks van onder meer het Fort Garry Horse-pantserregiment vanuit de zuidelijke straathoeken aan het plein hun vuurmonden op mitrailleurnesten en sluipschutterposities aan de noord- en oostzijde. De bazooka’s – in feite antitankwapens, maar in de binnenstad van Groningen vooral gebruikt als alternatief voor zwaardere artillerie – doen hun werk goed.

Om half 5 hebben de Canadese infanteristen de hele zuidzijde van de Grote Markt in handen. In hotel De Doelen richten ze een vooruitgeschoven commandopost in. De Duitsers worden ook vanuit de Oude Boteringestraat en de omgeving van de Ebbingestraat stevig door de Canadezen belaagd. In feite zitten ze in de tang.

De eerste plukjes Duitsers worden krijgsgevangen gemaakt en via de Oosterstraat afgevoerd. Maar de strijdende partijen blijven elkaar over en weer beschieten – ook vanuit de Martinitoren. Als dat vuur wordt beantwoord door een antitankkanon, wordt de toren toch nog geraakt. Er hangt een patstelling in de lucht. 

Even later, om 7 uur ’s avonds, beginnen de in stelling gebrachte zware Sherman-tanks dan toch een heus bombardement. Deze tactische keuze is het gevolg van de Duitse aanpak om de civiele gebouwen aan de noord- en oostzijde van het plein een militaire functie te geven, vol soldaten; doelen die door de Canadezen moeten worden vernietigd om de overwinning te kunnen behalen. 

En zo neemt een tank bij de Herestraat een mitrailleurnest bij apotheek Sissing, op de hoek naast de Martinitoren, op de korrel. Het pand vliegt in brand. Op de hoeken van de Gelkingestraat en Oosterstraat beschieten tanks panden aan de noordzijde. Ook daar breken felle branden uit die zich, mede door de vrij harde wind, opzij en naar achterhuizen uitbreiden. Grote delen van de Oude Ebbingestraat worden eveneens door overslaand vuur verzwolgen. Het stadhuis ligt niet in de vuurlinie en blijft net als het Goudkantoor op wonderlijke wijze grotendeels gespaard.

Luchtfoto van Aviodrome: de Grote Markt na de oorlog, gezien richting het noorden

Spookachtige taferelen

Om half 9 staakt het vuren. Een Canadese luidsprekerauto laat in het Duits weten dat de vijand een half uur de tijd krijgt om zich over te geven. Veel aanwonende Stadjers maken van de gelegenheid gebruik en vluchten weg uit hun huizen, waar mogelijk geholpen door de brandweer en met lakens als witte vlaggen. Diverse eenheden van de voor het grootste deel gedemoraliseerde Duitse troepen trekken zich terug in het Rijksarchief in de Sint Jansstraat. De beruchte Lehnhoff en zijn SD-consorten zijn de nacht ervoor overigens al uit het Scholtenhuis weggevlucht, richting Schiermonnikoog.

Ondanks het momentum van de Canadezen komt er géén Duitse overgave. De strijd wordt daarom om 9 uur 's avonds hervat. Het Scholtenhuis krijgt de volle laag en al snel staat zo ongeveer de hele oostwand in brand. Overal op de als een fakkel brandende Grote Markt zijn spookachtige taferelen te zien.

De hele nacht door is kanongebulder te horen. Granaten slaan links en rechts in 

Rond middernacht gaat ook de Hoofdwacht in vlammen op. Onder het gedonder van het schieten zijn omvallende muren te horen. Enkele straten raken versperd door meters puin. De vol in de vuurlinie staande Martinitoren loopt verder nauwelijks schade op, wat een godswonder mag heten.

Vanuit het Rijksarchief aan de Sint Jansstraat, waar een Duitse commandant zich dan al met honderd man teruggetrokken heeft, volgen meer beschietingen. In de nacht voeren de Canadese troepen nog volop straatgevechten uit, in en om de noordoostelijke binnenstad. Duitse verdedigers houden her en der verbeten stand.

De hele nacht door is er kanongebulder te horen. Canadese schijnwerpers staan naar alle kanten op verzetshaarden gericht. Het levert sinistere beelden op. Granaten slaan links en rechts in. De brandweer, gesteund door tal van collega’s uit Assen en zelfs enkele padvinders, doet zijn best om waar mogelijk de branden te blussen. Het is haast onbegonnen werk, ook omdat het op straat nog buitengewoon gevaarlijk is.

De Canadezen zegevieren

Mede dankzij een tactische omsingeling weten de Canadezen de laatste Duitse stellingen toch uit te schakelen. Op de Grote Markt wordt het – afgezien van de vele branden – wat rustiger. Door overslaand vuur vanuit de Hoofdwacht breekt nog wel brand uit in de houten steigers rond de Martinitoren. Mede dankzij dapper nachtelijk optreden van de brandweer valt de schade aan de toren mee.

Op het eind van de volgende ochtend, nadat al eerder vele Duitsers zich aan de noordzijde van de Grote Markt hebben overgegeven, geeft ook de Duitse garnizoenscommandant Miczek zich uiteindelijk over aan overste Jacques Dextraze van het Fusiliers Mont-Royal-regiment. Dat gebeurt pas nadat de Canadezen zijn doorgedrongen in het Rijksarchief.

De Duitsers zijn uitgeput door de zware verliezen en het gebrek aan munitie. Speciale Canadese eenheden bevrijden aansluitend de rest van de binnenstad. Op de Grote Markt zijn ze de baas. Overal rijden Canadese trucks en patrouilleren manschappen, terwijl de militaire politie toezicht houdt. In het midden van de markt ligt een dood paard dat zich kennelijk in de vuurlinie bevond. Even hongerige als brutale burgers snijden al snel stukken vlees van het karkas af.

Blik vanuit de Oude Ebbingestraat op de Grote Markt, kort na de oorlog

De Martinitoren staat ondertussen fier overeind, als stille getuige van een stad in strijd. Resterende plukjes doorvechtende Duitsers worden opgejaagd richting Oostersluis. De bevrijding van de stad kost uiteindelijk 40 Canadezen, 104 Duitsers en 106 burgers het leven. Zo’n 2.500 moegestreden Duitsers worden krijgsgevangen gemaakt. De rest trekt zich terug op het bolwerk Delfzijl, waar ook nog dagen van felle strijd in het verschiet liggen.

’s Middags komt een handvol ervaren ambtenaren al samen op het Groninger stadhuis, te midden van de nasmeulende Grote Markt. Het zijn oudgedienden, een aantal van hen komt vanuit hun onderduikadres tevoorschijn. Ze duiken in het plotseling gevallen gat van een stad zonder stadsbestuur, om snel maatregelen te treffen die even provisorisch als noodzakelijk zijn. Zo brengen ze de stedelijke voedselvoorziening op gang, richten ze slachtofferhulp in en organiseren ze het opruimen van de verwoestingen en het begaanbaar maken van de straten.

Diezelfde middag komt ook oud-burgemeester Cort van der Linden binnen, samen met vertegenwoordigers van het Militair Gezag dat in het kielzog van de Canadezen moet zorgen voor orde. Cort van der Linden zat in het Drentse Wijster ondergedoken. Nadat deze plaats bevrijd was, ging de oud-burgemeester op de fiets achter de Canadezen aan. Hij voorzag ze vervolgens van veel waardevolle informatie over de stad Groningen en de Duitse verdediging. Omdat het in de stad nog niet veilig is, richten ze samen tot zondagmiddag een bivak op bij het al bevrijde Sterrebos.

Gezamenlijk verdelen de betrokkenen in het stadhuis de taken. Een daarvan is het voorlopig ‘zuiveren’ van het gemeentebestuur en het in de stad ordentelijk laten arresteren van ‘foute’ Nederlanders. De provisorische Binnenlandse Strijdkrachten, in hun blauwe overalls, staan daarvoor aan de lat. Dat leidt over en weer tot de nodige competentiestrijd. Uiteindelijk zijn de Canadezen, en in hun spoor steeds meer het Militair Gezag, de eerste maanden nog de baas.

Canadese troepen paraderen na de bevrijding over de Grote Markt

Burgemeester Cort van der Linden leidt de Canadese majoor-generaal Bruce Matthews na de bevrijding rond door een gehavende Groninger binnenstad

Smeulende woestenij

De bevrijde Stadjers zijn verbijsterd als ze naar de Grote Markt komen. Het langverbeide dansen dat ze een paar dagen eerder nog in gedachten hadden, is vervlogen en uitgemond in een regelrechte nachtmerrie. Hun plein, een van de mooiste van Nederland, is door al het bevrijdingsgeweld binnen enkele uren verworden tot een verschrikkelijke smeulende woestenij. Van zowel de oostwand als de noordwand staan nog slechts de uitgebrande voorgevels overeind.

Ook van de Waagstraat en de Guldenstraat zijn door felle, deels gestichte branden en vervolgens door de harde wind overslaande vonkenregens nog amper iets over. Zo’n tweehonderd vaak aaneengesloten gebouwen, waaronder veel eeuwenoude en beeldbepalende monumenten, zijn rondom de Grote Markt in puin geschoten of goeddeels uitgebrand. De vuurgloed is tot in Appingedam zichtbaar.

Sloopwerkzaamheden na de oorlog, aan de noordzijde van de Grote Markt

Had het voorkomen kunnen worden? Wat als de Duitsers, die wisten dat ze zouden verliezen maar opdracht hadden om slechts tijd te rekken, minder standvastig waren geweest? Wat als Groningen niet op dat moment die belangrijke militair-strategische positie had gehad? We zullen het nooit weten.

De Canadese bevrijder, in de persoon van hoogste generaal-majoor Albert Bruce Matthews, wordt twee dagen later al eervol op het stadhuis ontvangen en bijgeschreven in het Gulden Boek van de stad. De gemeenteraad van Groningen komt pas maanden later voor het eerst weer bijeen, op 29 oktober 1945. Daarbij wordt al wel direct een Adviescommissie Wederopbouw ingesteld. Veel puinhopen en ruïnes zijn dan al opgeruimd. Nog resterende gevels zijn omwille van de veiligheid op last van Gemeentewerken neergetrokken. Monumentenzorg is er heel boos over, dat wel.

Wil van Zwieteren krijgt in 2012 een eigen straatnaam. De Van Zwieterengang ligt sindsdien naast de door hem persoonlijk geredde Martinitoren.

Het lege midden : nu te koop!

Het lege midden is een ode aan de rijkdom en veelzijdigheid van de Grote Markt, het belangrijkste plein van Groningen. Het hart van het boek wordt gevormd door een beschouwing van de recente herinrichting van het plein (2020-2024) en de wortels daarvan in de jaren zeventig en negentig. Daaromheen zijn verschillende verhalen van diverse auteurs gebundeld, uit allerlei periodes van de meer dan duizend jaar geschiedenis van de Grote Markt.

De nadruk ligt op de ruimte van het plein zelf. De leegte – en daarmee de potentie van een even veelomvattend als intensief gebruik – staat centraal in tekst en beeld. Historische foto’s, prenten en ansichtkaarten, ontwerptekeningen, schetsen, strips, schilderijen, lucht- foto’s en plattegronden vormen de beeldende context van de ontwikkeling van de Grote Markt door de eeuwen heen. Zo portretteert Het lege midden de vele gezichten van de centrale en meest publieke ruimte van Groningen.

Bestel het boek hier!