Van onze correspondent in Winschoten // Winschotens Hoop

Tekst:
Leestijd: .

Er is iets aan de hand in Winschoten. Vastgoedondernemers hebben hun oog laten vallen op het Oost-Groninger handelsstadje. Ze kopen er gebouwen, knappen ze op en verhuren ze in eigen beheer. De binnenstad ziet er met elk bezoek dat ik breng weer iets beter uit. Tijd voor een hoopvol verhaal!

Aan de Venne 99 in Winschoten staat een statig pakhuis uit 1865. Met koeienletters prijkt de naam van vastgoedbeheerder Domeq op de gevel. De laatste keer dat ik hier naar binnen stapte was ik een jaar of negentien. Ik was net uit Winschoten vertrokken en ging af en toe nog op stap in de kroegen aan de voet van D’ Olle Witte. In het pakhuis zat toen nog ’t Pleintje, een begrip in Winschoten. Op de begane grond had je een bar, daarboven twee etages met een dansvloer en nog twee bars.

In mijn eindexamenjaar organiseerden we hier de legendarische Pleintjefeesten. Tijdens één van die feesten, het Kerstbal, vatte de kerstboom vlam. Met een oude poederblusser konden we gelukkig voorkomen dat het pand eenzelfde lot beschoren was als zoveel panden in Winschoten. De huidige eigenaar van het pand kan erover meepraten. Maar daarvoor ben ik hier niet.

Als ik het volledig gerenoveerde en opgeknapte pand binnenkom, valt me direct op hoe licht en transparant het is. In de voormalige uitgaansgelegenheid huist nu drie etages ambitie en visie op het gebied van vastgoed, in Winschoten en daarbuiten. Jeroen Hemmes, projectmanager bij vastgoedbeheerder Domeq, heet me welkom.

Even later schuift ook eigenaar David Maas aan, die naast Domeq het ontwikkelbedrijf WIMA Vastgoed heeft. Hij is begaan met Winschoten. Zijn vastgoedloopbaan begon hij met een paar horecapanden aan het marktplein. In die tijd vroeg hij zich al af waarom boven de kroegen geen woningen gerealiseerd waren. ‘Ik vond het vreemd dat daar zo veel loze ruimte was. Maar ik kreeg geen vergunning om er appartementen van te maken.’

Het balletje ging rollen toen discotheek Night Fever leeg kwam te staan. Maas: ‘De gemeente Oldambt wilde voorkomen dat het pand ten prooi zou vallen aan brand. Ik heb toen voorgesteld om daar 23 appartementen te ontwikkelen. Dat vonden ze wel een plan. Misschien geen goed plan,’ lacht hij, ‘maar wel een mogelijkheid om verkrotting te voorkomen.’ Zo werden in hartje centrum de eerste appartementen gerealiseerd. 

De in herontwikkeling zijnde zusterflat // © Foto Nijkamp

Winschoten bleef trekken

Maas begon in die tijd met andere ogen naar Winschoten te kijken. Als dit kan, dacht hij, moet het mogelijk zijn om meer te ontwikkelen. Dat bleek ingewikkelder dan verwacht, waarop hij voor een paar jaar uit Winschoten vertrok. In Assen ontwikkelde Maas projecten als de Abel Tasmantoren, met negentig huurappartementen voor starters. Doordat hij deze in eigen beheer hield, ontstond Domeq, de verhuurtak van het vastgoedbedrijf.

Toch bleef Winschoten trekken. Het resultaat daarvan is nu goed zichtbaar. Inmiddels wordt op een flink aantal locaties geklust, zie ik als we een rondgang door de stad maken. Daarbij is de in Winschoten en omstreken bekende zusterflat het meest in het oog springende voorbeeld. De naast het voormalig Sint Lucas-ziekenhuis gelegen woontoren voor verpleegsters staat al een tijdje leeg. Maas durft het in september 2019 aan om het pand te kopen. Hij ontwikkelt er 54 appartementen voor jonge starters.

‘Een jonge verpleegster was anders misschien naar Hoogezand gegaan, maar nu woont ze betaalbaar en ruim, midden in het centrum. Voor mensen als zij doen we dit’ 

In een door Domeq zelf uitgegeven boekje met verhalen over het bonte leven in de zusterflat vertelt Maas: ‘Ik heb drie wethouders versleten voor ik alle vergunningen had om het eindelijk te mogen ontwikkelen.’ Inmiddels zijn de eerste achttien appartementen opgeleverd. Keurig met een buiten en met groenbeheer door de ontwikkelaar zelf.
Hemmes: ‘De gemeente was sceptisch. Ze wilden hier seniorenwoningen, omdat ze de vraag bij onze doelgroep niet zagen.’ Dat bleek onterecht: de achttien appartementen die nu bewoond zijn, konden rekenen op driehonderd serieuze kandidaten.

Voor de mensen die de appartementen betrekken, is de locatie belangrijk. Hemmes vertelt over een 22-jarige verpleegster, werkend in het Ommelander Ziekenhuis. De vrouw heeft een goed inkomen, maar kon in de buurt nergens een appartement vinden. ‘Ze woonde nog bij haar ouders en was anders misschien naar Hoogezand gegaan, of verder weg. Nu woont ze betaalbaar en ruim, midden in het centrum. Voor mensen als zij doen we dit.’

De krimp voorbij

Winschoten was een tijd verslaafd aan krimpgeld, zoals Maas het noemt. Omdat de regio krimpgebied was, kon de gemeente aanspraak maken op potjes en subsidies. ‘Ik vind dat we van dat stigma af moeten. Als je jongeren wilt houden, moet je ze ook iets bieden.’
Hemmes valt hem bij: ‘Netto zijn er vorig jaar vijfhonderd inwoners bij gekomen in onze gemeente. Dan kun je niet meer spreken van krimp.’

De zusterflat is door de gemeente inmiddels aangewezen als beeldbepalend pand. ‘Dan heb je toch iets goeds gedaan’, lacht Hemmes. ‘Maar ik zou graag zien dat ze ons wat meer het voordeel van de twijfel gunnen. We zien intussen dat er een kentering is, de gemeente is eerder en sneller bereid om te praten. Toch sta je altijd al met 4-0 achter als je het gemeentehuis binnenstapt. Daar heb je die vastgoedcowboys weer, denken ze dan.’

Ook in het centrum van Winschoten realiseert de ontwikkelaar flink wat appartementen. Aan het begin van de Torenstraat, op de hoek met de Vissersdijk, kocht Maas meerdere panden aan, om deze te verbouwen. Achter de oorspronkelijke gevel komen appartementen, met een commerciële plint voor kleine boetiekjes. ‘En die raken we ook allemaal kwijt’, bezweert hij.

Voor de bewoners van de herontwikkelde gebouwen legt Domeq in de Markstraat parkeerplekken aan. Daarvoor werd in overleg met de Stichting Oud Winschoten en buurtbewoners een oplossing gevonden. Maas: ‘De parkeerplekken komen achter een gevel die het oudste stukje Winschoten eer aan doet. Zo kijken de straatbewoners naar een mooie gevel en lossen we het parkeerprobleem veilig en onzichtbaar op.’

Kapsalon met appartementen erboven in de Torenstraat // © Foto Nijkamp

Gebiedsontwikkelaars

Domeq is als verhuurder gebaat bij een leefbare buurt. Je zou ze haast kunnen omschrijven als gebiedsontwikkelaars. Maas knikt. ‘Dat kun je bijna wel zeggen.’ Die brede blik herken ik als we rondkijken op het Marktplein. ‘Dit plein klopt niet’, vindt Maas. ‘Er is geen duidelijke entree. En je wordt nergens naartoe getrokken. Ik mis de levendigheid hier, en dan bedoel ik niet tussen twaalf en twee op zaterdagnacht.  Je zou weer marktkramen op het marktplein moeten zetten. En de gemeente zou hier ook haar uitgifteloket voor documenten kunnen plaatsen, bijvoorbeeld.’

Hij wijst naar de voormalige bioscoop, die nu een sportschool is. ‘Dan heb je meer plekken die overdag aanloop genereren. Zo komt een ondernemer misschien op het idee een koffietentje op de markt te beginnen, en ontstaat er reuring.’ Domeq zelf heeft al plannen om op de kale plekken aan de zuidkant van de markt statige panden met wat luxere appartementen neer te zetten, en eronder bijvoorbeeld een grand café.

De relatie tussen deze vastgoedontwikkelaars en de gemeente Oldambt was in het verleden moeizaam. Hun plannen werden niet altijd met gejuich ontvangen. ‘Ik kan je wel een nummer geven van iemand bij de gemeente, voor een kritische noot bij dit stuk’, lacht Hemmes. Maar inmiddels draaien beide partijen voorzichtig de neuzen in dezelfde richting.

Hemmes: ‘De gemeente heeft sinds kort een ambitiedocument dat hout snijdt. Je hoeft het niet eens te zijn met alles dat erin staat, maar er wordt wel anders gekeken naar gebiedsontwikkeling. Wat wij doen sluit daar bij aan.’
‘Winschoten is een heel mooi stadje’, besluit Maas. ‘En er is met alle tegenslagen flexibel omgegaan. Zo staat er toch nog veel moois. Als ik door Winschoten loop, ben ik nog steeds trots.’

Dicht ik deze vastgoedcowboys met ijver en ambitie te veel eer toe als ik hen Winschotens Hoop noem? Misschien wel. Maar toch: er gebeurt weer wat. Er wordt ontwikkeld, karakteristieke panden blijven behouden en achter de ramen brandt weer licht. Ik vertrek wat trotser uit Winschoten dan ik kwam, en heb een hoopvol gevoel over de toekomst van de stad.

Correspondent Winschoten

Winschoten. Na Groningen en Appingedam de derde stad van de provincie, historisch gezien dan. Een stad met een rijke geschiedenis, maar ook een stad waar dingen al een tijd de verkeerde kant op gaan. Wij vonden het tijd er een correspondent voor aan te stellen. Jaap Ploeger observeert en deelt voor GRAS wat er in zijn geboorteplaats gebeurt.